wetzoeker

Artikel 13 Verdrag ter vaststelling van enige eenvormige regelen betreffende het cognossement

De Hoge verdragsluitende Partijen kunnen bij de ondertekening, de nederlegging der bekrachtigingen of haar toetreding verklaren, dat de aanvaarding van dit verdrag niet geldt, hetzij voor zekere, hetzij voor alle zelfbesturende gewesten, koloniën, bezittingen, protectoraten of overzeese gebieden, die gesteld zijn onder haar opperbewind of gezag.

Dienvolgens kunnen zij later afzonderlijk toetreden in naam van een of meer van deze zelfbesturende gewesten, koloniën, bezittingen, protectoraten of overzeese gebieden, die aldus in hun oorspronkelijke verklaring zijn uitgesloten. Zij kunnen evenzeer, zich richtend naar deze bepalingen, dit verdrag afzonderlijk opzeggen voor een of meer der zelfbesturende gewesten, koloniën, bezittingen, protectoraten of overzeese gebieden, die gesteld zijn onder haar opperbewind of gezag.

Regeling
Verdrag ter vaststelling van enige eenvormige regelen betreffende het cognossement
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
18-05-1986
BWB-id
BWBV0006327
Versie
1986-05-18_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl