wetzoeker

Artikel 16 Verdrag en Statuut nopens het Internationale Spoorwegregime

Verhouding tusschen den spoorweg en de personen die er gebruik van maken.

De voornaamste bepalingen, die in de bijzondere overeenkomsten inzake het enkelvoudig vervoercontract voor reizigers en bagage moeten worden overwogen, zijn de volgende:

a) de voorwaarden volgens welke de spoorweg al dan niet verplicht is het vervoercontract te aanvaarden;

b) de voorwaarden voor het sluiten van het vervoercontract en van het opmaken van het document, dat de voorwaarden van het contract bevat;

c) de verplichtingen en regelingen, waarnaar de reizigers verplicht zijn, zich te gedragen;

d) de verplichting van den reiziger met betrekking tot het vervullen van de bijbehoorende formaliteiten – zooals de douaneformaliteiten – die noodig zijn voor de uitvoering van het vervoer;

e) de voorwaarden voor de aflevering van de bagage;

f) de bepalingen, die voorzien zijn ingeval van onderbreking van den dienst of andere moeilijkheden bij de uitvoering van het vervoer;

g) de verantwoordelijkheid van den spoorweg voortvloeiende uit het vervoercontract;

h) de uitoefening van aanspraken voortvloeiende uit het vervoercontract en de uitvoering der vonnissen.

Regeling
Verdrag en Statuut nopens het Internationale Spoorwegregime
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
22-05-1928
BWB-id
BWBV0006324
Versie
1928-05-22_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl