wetzoeker

Artikel Overeenkomst nopens verschillende vraagstukken betreffende het stelsel toepasselijk op de Rijnvaart

Het is wel verstaan, dat de nieuwe faciliteiten, welke zouden worden toegestaan overeenkomstig de bepalingen van het tweede lid van artikel 6, zullen worden uitgebreid tot de scheepvaart komende van of met bestemming voor den Rijn, op het Belgische gedeelte van de zee-Schelde.

In het geval, dat deze faciliteiten aan de bedoelde scheepvaart zouden worden toegekend op de wateren, welke den Rijn met de haven van Amsterdam verbinden, zullen zij ook toepassing vinden op het Belgische gedeelte van het kanaal van Gent naar Terneuzen.

Het is wel verstaan, dat voor de toepassing van artikel 9 van de overeenkomst van Mannheim op den Rijn, zijn mondingen, en de wateren, welke den Rijn met België verbinden, in geen geval andere kosten van de douane-begeleiding in rekening zullen worden gebracht dan die voor voeding, vuur en licht, onverschillig of de lading al of niet overgeladen of in entrepôt gebracht is in een vrijhaven van den Rijn.

Evenwel zal de kosteloosheid van de begeleiding, zooals deze in het vorige lid is omschreven, voor Belgische vaartuigen slechts zoolang op de wateren, welke den Rijn met België verbinden, worden gehandhaafd als deze zelfde kosteloosheid toegepast zal blijven op de scheepvaart komende van of bestemd naar den Rijn, op het Belgische gedeelte van de zee-Schelde en van het kanaal van Gent naar Terneuzen.

Ingeval de kosteloosheid van de begeleiding zou worden opgeheven op de wateren, welke België met den Rijn verbinden, zal het de Belgische Regeering vrijstaan, zulks in afwijking van artikel 3, de kosten van begeleiding aan de belanghebbenden te vergoeden.

Regeling
Overeenkomst nopens verschillende vraagstukken betreffende het stelsel toepasselijk op de Rijnvaart
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
03-04-1939
BWB-id
BWBV0006274
Versie
1939-04-03_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl