wetzoeker

Artikel 53 Verdrag nopens de wetten en gebruiken van de oorlog te land

Van het militair gezag op het grondgebied van den vijandelijken Staat.

Het leger, dat een gebied bezet, kan slechts in bezit nemen het gereede geld, de fondsen en de invorderbare waarden, die aan den Staat toebehooren, de wapendepots, vervoermiddelen, magazijnen en voorraden, en, in het algemeen, alle roerende eigendommen van den Staat, die van zoodanigen aard zijn, dat zij voor de krijgsverrichtingen kunnen dienen.

Alle middelen te land, ter zee en in de lucht tot de overbrenging van berichten, tot vervoer van personen of zaken dienende, buiten de gevallen beheerscht door het zeerecht, de wapenvoorraden en, in het algemeen, elke soort krijgsmunitie, kunnen worden in beslag genomen, zelfs indien zij aan bijzondere personen toebehooren, maar moeten worden teruggegeven en de schadeloosstellingen worden bij den vrede geregeld.

Regeling
Verdrag nopens de wetten en gebruiken van de oorlog te land
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
26-01-1910
BWB-id
BWBV0006273
Versie
1910-01-26_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl