wetzoeker

Art. 6 Verdrag ter verzekering van de internationale eenheid en de volmaking van het metrieke stelsel

REGLEMENT.

De jaarlijksche inkomsten van het Bureau international bestaan uit twee deelen, het eene vast, het andere aanvullend.

Het vaste deel bedraagt, in beginsel, frs. 250.000, maar kan door een besluit van het Comité, met algemeene stemmen genomen, op frs. 300.000 worden gebracht. Het komt ten laste van alle Staten en autonome koloniën, die vóór de zesde Conférence générale tot de Meterconventie zijn toegetreden.

Het aanvullend gedeelte wordt gevormd door de bijdragen der Staten en autonome koloniën, die na genoemde Conférence générale tot het verdrag toegetreden zijn.

Het Comité is belast met het opmaken, op grond van de voorstellen van den directeur, van de jaarlijksche begrooting, zonder echter de som te overschrijden, die overeenkomstig de bepalingen der twee voorafgaande alinea's berekend is. Deze begrooting wordt elk jaar, in een speciaal financieel verslag, ter kennis gebracht der Regeeringen van de Hooge verdragsluitende partijen.

Ingeval het Comité het noodig mocht oordeelen, om hetzij het vaste deel van de jaarlijksche inkomsten tot boven de frs. 300.000 te verhoogen, hetzij de berekening van de bijdragen, vastgesteld bij artikel 20 van dit Reglement, te wijzigen, moet het de Regeeringen daarmede in kennis stellen, om haar de gelegenheid te geven, bijtijds aan hare gedelegeerden ter volgende Conférence générale de noodige instructies te geven, opdat deze laatste een geldig besluit kan nemen. Het besluit zal alleen geldig zijn, in geval geen der verdragsluitende Staten in de Conférence eene stem er tegen heeft uitgebracht of zal uitbrengen.

Indien een Staat drie jaar heeft laten verloopen zonder zijne bijdrage te storten, wordt deze onder de andere Staten naar verhouding van hunne eigen bijdragen verdeeld. De aanvullende bedragen, aldus door de Staten gestort, om het bedrag van de inkomsten van het Bureau voltallig te maken, worden beschouwd als een voorschot aan den ten achter zijnden Staat en zullen hun teruggegeven worden, indien deze alsnog zijne achterstallige bijdragen voldoet.

De voordeelen en voorrechten, verkregen door de toetreding tot de Meterconventie worden opgeschort ten opzichte van Staten, die drie jaar lang niet aan hunne verplichtingen hebben voldaan.

Na wederom drie jaren wordt de in gebreke gebleven Staat uitgesloten van het verdrag en wordt de berekening der bijdragen herzien overeenkomstig de bepalingen van artikel 20 van dit Reglement.

Regeling
Verdrag ter verzekering van de internationale eenheid en de volmaking van het metrieke stelsel
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-01-1929
BWB-id
BWBV0006254
Versie
1929-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl