wetzoeker

Artikel 3 Verdrag nopens de tenuitvoerlegging van in het buitenland gewezen scheidsrechterlijke uitspraken

Indien de partij tegen wie de uitspraak gewezen is aantoont, dat volgens de rechtsregelen, die van toepassing zijn op de scheidsrechterlijke procedure, een andere grond dan die bedoeld in artikel 1 sub a en c en artikel 2 sub b en c aanwezig is, waarop deze partij in rechte de geldigheid van de uitspraak kan betwisten, zal de rechter desgewenscht erkenning of tenuitvoerlegging van de uitspraak kunnen weigeren of deze kunnen aanhouden, aan de partij een redelijken termijn latende om de uitspraak door het bevoegde gerecht nietig te doen verklaren.

Regeling
Verdrag nopens de tenuitvoerlegging van in het buitenland gewezen scheidsrechterlijke uitspraken
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
12-11-1931
BWB-id
BWBV0006244
Versie
1931-11-12_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl