wetzoeker

Artikel 10 Verdrag inzake de overbrenging van gevonniste personen tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Cuba

1 Bij omzetting van de veroordeling zijn de in de wetgeving van de staat van tenuitvoerlegging voorziene procedures van toepassing. Bij omzetting van de veroordeling:

a. is de bevoegde autoriteit gebonden aan de vaststelling van de feiten voor zover deze uitdrukkelijk of impliciet blijken uit het door de staat van veroordeling uitgesproken vonnis;

b. kan de bevoegde autoriteit een sanctie die vrijheidsbeneming met zich meebrengt niet in een geldstraf omzetten;

c. brengt de bevoegde autoriteit de volledige periode van de door de gevonniste persoon reeds ondergane vrijheidsbeneming in mindering; en

d. zal de bevoegde autoriteit de strafrechtelijke positie van de gevonniste persoon niet verzwaren en is niet gebonden aan een eventueel minimum waarin door de wet van de staat van tenuitvoerlegging wordt voorzien voor het gepleegde strafbare feit of de gepleegde strafbare feiten.

2 Indien de omzettingsprocedure gevolgd wordt na de overbrenging van de gevonniste persoon, houdt de staat van tenuitvoerlegging de gevonniste persoon in bewaring of neemt andere maatregelen teneinde diens aanwezigheid in de staat van tenuitvoerlegging te verzekeren, in afwachting van de afloop van die procedure.

Regeling
Verdrag inzake de overbrenging van gevonniste personen tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Cuba
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
06-04-2017
BWB-id
BWBV0006234
Versie
2017-04-06_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl