wetzoeker

Artikel 25 Kaderovereenkomst inzake een partnerschap en samenwerking tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en Mongolië, anderzijds

SAMENWERKING INZAKE HANDEL EN INVESTERINGEN

1 De partijen komen overeen de samenwerking te bevorderen alsook wederzijds begrip met betrekking tot grondstoffen.

2 Deze samenwerking en bevordering van wederzijds begrip moet betrekking hebben op kwesties als het regelgevende kader voor de grondstoffensector (met inbegrip van goed beheer van de inkomsten uit de mijnbouw ten bate van sociaaleconomische ontwikkeling; milieubescherming en veiligheidsvoorschriften inzake de mijnbouw en grondstoffen) en de handel in grondstoffen. Met het oog op grotere samenwerking en wederzijds begrip kan elke partij verzoeken om ad-hocvergaderingen inzake grondstoffen.

3 De partijen erkennen dat een transparant, niet-discriminerend, niet-verstorend, op regels gebaseerd klimaat de beste manier is om directe buitenlandse investeringen aan te trekken voor de productie en de handel in grondstoffen.

4 De partijen, rekening houdend met hun respectieve economische beleidsmaatregelen en doelstellingen, en met het oog op de bevordering van handel, komen overeen samenwerking te bevorderen door belemmeringen voor de handel in grondstoffen weg te nemen.

5 Op verzoek van een van beide partijen kan elk punt in verband met grondstoffen worden geopperd en besproken tijdens de vergaderingen van het Gemengd Comité en het subcomité, die bevoegd zijn tot het nemen van besluiten daarover krachtens artikel 56, overeenkomstig de beginselen die hierboven zijn uiteengezet.

Regeling
Kaderovereenkomst inzake een partnerschap en samenwerking tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en Mongolië, anderzijds
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-11-2017
BWB-id
BWBV0006217
Versie
2017-11-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl