wetzoeker

A.1 — Lijst van luchtvaartmaatschappijen waaraan een exploitatieverbod is opgelegd Euro-mediterrane luchtvaartovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en de regering van de Staat Israël, anderzijds

Lijst van luchtvaartmaatschappijen waaraan een exploitatieverbod is opgelegd

Israël neemt zo snel mogelijk maatregelen die overeenstemmen met die welke de EU-lidstaten hebben genomen op basis van de lijst van luchtvaartmaatschappijen waaraan om veiligheidsredenen een exploitatieverbod is opgelegd.

De maatregelen moeten worden genomen overeenkomstig de relevante regels inzake de opstelling en publicatie van een lijst van luchtvaartmaatschappijen waaraan een exploitatieverbod is opgelegd en de verplichting om passagiers in kennis te stellen van de identiteit van de luchtvaartmaatschappij die hun vluchten uitvoert, welke zijn vastgesteld in de volgende EU-wetgeving:

Verordening (EG) nr. 2111/2005 van het Europees Parlement en de Raad van 14 december 2005 betreffende de vaststelling van een communautaire lijst van luchtvaartmaatschappijen waaraan een exploitatieverbod binnen de Gemeenschap is opgelegd en het informeren van luchtreizigers over de identiteit van de exploiterende luchtvaartmaatschappij, en tot intrekking van artikel 9 van Richtlijn 2004/36/EG (Voor de EER relevante tekst), PB L 344 van 27.12.2005, blz. 15, als gewijzigd bij:

– Verordening (EU) 2018/1139 van 4 juli 2018, PB L 212 van 22.8.2018, blz. 1;

– Verordening (EU) 2019/1243 van 20 juni 2019, PB L 198 van 25.7.2019, blz. 241.

Relevante bepalingen: artikelen 1 tot en met 13, bijlage

Verordening (EG) nr. 473/2006 van de Commissie van 22 maart 2006 tot vaststelling van uitvoeringsregels voor de in hoofdstuk II van Verordening (EG) nr. 2111/2005 van het Europees Parlement en de Raad bedoelde communautaire lijst van luchtvaartmaatschappijen waaraan een exploitatieverbod is opgelegd in de Gemeenschap (Voor de EER relevante tekst), PB L 84 van 23.3.2006, blz. 8.

Relevante bepalingen: artikelen 1 tot en met 6, bijlagen A, B en C

Verordening (EG) nr. 474/2006 van de Commissie van 22 maart 2006 tot vaststelling van de in hoofdstuk II van Verordening (EG) nr. 2111/2005 van het Europees Parlement en de Raad bedoelde communautaire lijst van luchtvaartmaatschappijen waaraan een exploitatieverbod is opgelegd in de Gemeenschap (Voor de EER relevante tekst), PB L 84 van 23.3.2006, blz. 14, laatstelijk gewijzigd bij verordeningen van de Commissie.

Relevante bepalingen: artikelen 1, 2 en 3, bijlagen A en B

In het geval Israël ernstige bezwaren heeft tegen een maatregel, kan het de toepassing ervan opschorten; in dat geval legt het de kwestie onverwijld voor aan het Gemengd Comité dat bij artikel 22, lid 11, punt f), van deze Overeenkomst is opgericht.

Regeling
Euro-mediterrane luchtvaartovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en de regering van de Staat Israël, anderzijds
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-07-2022
BWB-id
BWBV0006191
Versie
2022-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl