wetzoeker

ARTIKEL XIV Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Ierland tot uitlevering van misdadigers

Wanneer de uitlevering van een persoon, krachtens het tegenwoordig verdrag door een der Hooge Contracteerende Partijen opgeëischt, eveneens door een of meer andere Staten wordt aangevraagd, op grond van andere misdrijven op hun respectievelijk grondgebied gepleegd, zal zijne uitlevering worden toegestaan aan dien Staat, welke het eerst de aanvrage daartoe heeft gedaan.

Regeling
Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Ierland tot uitlevering van misdadigers
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
14-03-1899
BWB-id
BWBV0006116
Versie
1899-03-14_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl