wetzoeker

Ad artikel 10 Handels- en scheepvaartverdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Zuidslavië

Als kustvaart zullen niet worden beschouwd:

1°. De scheepvaart tusschen twee havens hetzij om er passagiers of de lading, komende uit het buitenland, geheel of gedeeltelijk te ontschepen, hetzij om er passagiers of de lading, bestemd voor het buitenland, geheel of gedeeltelijk in te schepen;

2°. Het vervoer, van een vreemde haven naar een Zuidslavische haven, en wederkeerig, van passagiers voorzien van doorgaande, in het buitenland afgegeven, of voor het buitenland bestemde biljetten en evenzeer het vervoer van waren, ingescheept op doorcognossementen, welke zijn afgegeven in het buitenland of voor het buitenland zijn bestemd.

Regeling
Handels- en scheepvaartverdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Zuidslavië
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
17-04-1932
BWB-id
BWBV0005995
Versie
1932-04-17_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl