wetzoeker

Artikel 16 Verdrag tussen Nederland en Tsjechoslowakije tot beslechting van geschillen door rechtspraak, arbitrage en verzoening

De Partijen zullen bij de Permanente Verzoeningscommissie vertegenwoordigd zijn door agenten, die tot taak hebben als tusschenpersonen te dienen tusschen haar en de Commissie; zij zullen zich bovendien kunnen doen bijstaan door raadslieden en deskundigen, daartoe door haar benoemd, en het verhoor vragen van alle personen, wier getuigenis haar nuttig mocht lijken.

Van haar kant zal de Commissie de bevoegdheid hebben om mondelinge uiteenzettingen te vragen aan de agenten, raadslieden en deskundigen der twee Partijen, evenals aan alle personen waarvan zij het nuttig mocht oordeelen om met toestemming van hunne Regeering voor zich te laten verschijnen.

Regeling
Verdrag tussen Nederland en Tsjechoslowakije tot beslechting van geschillen door rechtspraak, arbitrage en verzoening
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
20-08-1930
BWB-id
BWBV0005960
Versie
1930-08-20_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl