wetzoeker

Artikel 19 Nederlandsch-Duitsch Arbitrage- en Verzoeningsverdrag

De in de arbitrage-procedure gegeven beslissing moet door de Partijen te goeder trouw nagekomen worden.

De Verdragsluitende Partijen verplichten zich, gedurende de arbitrage- of verzoeningsprocedure zooveel mogelijk iederen maatregel te vermijden, welke op de nakoming van de scheidsrechterlijke beslissing of de aanneming der voorstellen van de Permanente Verzoeningscommissie een nadeelige uitwerking zoude kunnen hebben. Bij een verzoeningsprocedure moeten zij zich tot op het tijdstip, dat de Permanente Verzoeningscommissie voor de aannemingsverklaring der Partijen aangeeft, of bij ontstentenis van zoodanige aanduiding, tot aan het uitbrengen van het verslag zelf, van ieder gewelddadig ingrijpen op eigen gezag onthouden.

Het Scheidsgerecht kan op verlangen van een Partij voorzorgsmaatregelen bevelen, voorzooverre deze door de Partijen door middel harer uitvoerende organen uitgevoerd kunnen worden; evenzoo kan de Permanente Verzoeningscommissie met hetzelfde doel voorstellen doen.

Regeling
Nederlandsch-Duitsch Arbitrage- en Verzoeningsverdrag
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
31-01-1952
BWB-id
BWBV0005912
Versie
1952-01-31_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl