wetzoeker

Art. 23 Tractaat van vriendschap, scheepvaart en handel tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Colombia

Het zal aan elke der contracterende partijen vrijstaan, Konsuls te benoemen om, tot bescherming van den handel, op het grondgebied der andere te resideren, maar vóór dat eenig Konsul als zoodanig werkzaam zij, zal hij door de Regering op welker grondgebied hij zijn verblijf houden moet, in den gebruikelijken vorm moeten goedgekeurd en toegelaten zijn; kunnende elk der contracterende partijen van het verblijf der Konsuls, die bijzondere plaatsen uitzonderen, alwaar het haar niet goeddunkt dezelve toetelaten.

Regeling
Tractaat van vriendschap, scheepvaart en handel tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Colombia
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
15-02-1830
BWB-id
BWBV0005898
Versie
1830-02-15_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl