wetzoeker

Artikel 21 Administratief Accoord met betrekking tot de wijze van toepassing van het op 8 juli 1950 tussen Nederland en het Groothertogdom Luxemburg gesloten Algemeen Verdrag inzake de sociale zekerheid

— Behandeling van aanvragen door de Nederlandse organen

De Rijksverzekeringsbank stelt de aanvrager door middel van een aangetekende brief in kennis van de beslissingen welke door de bevoegde organen van elk der beide landen zijn genomen met betrekking tot de uitkeringen, berekend overeenkomstig de bepalingen van het Algemeen Verdrag, en licht hem in omtrent de bedragen van de uitkeringen, welke hij zou ontvangen ingeval hij zou afzien van de voordelen van artikel 8 van dat Verdrag.

In deze kennisgeving moet de aanvrager mededeling worden gedaan van:

1. de rechtsmiddelen, voorzien in de wetgeving van elk der beide landen;

2. de bevoegdheid van de belanghebbende om binnen een termijn van veertien dagen mede te delen dat hij afstand doet van de voordelen van artikel 8 van het Verdrag.

De Rijksverzekeringsbank deelt aan het bevoegde Luxemburgse orgaan mede:

1. de datum, waarop de kennisgeving aan de aanvrager is verzonden;

2. of de belanghebbende de voordelen van artikel 8 van het Algemeen Verdrag aanvaardt dan wel daarvan afstand doet.

Regeling
Administratief Accoord met betrekking tot de wijze van toepassing van het op 8 juli 1950 tussen Nederland en het Groothertogdom Luxemburg gesloten Algemeen Verdrag inzake de sociale zekerheid
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-10-1953
BWB-id
BWBV0005800
Versie
1953-10-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl