wetzoeker

Artikel 21 Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland inzake onderling strijdige aanspraken op buiten Duitsland gelegen Duitse bezittingen

Interpretatie en toepassing

Vermogensbestanddelen, voor rekening van een vijandelijke Duitser gehouden door een natuurlijke persoon of een al dan niet rechtspersoonlijkheid bezittend lichaam als stroman, lasthebber, vertegenwoordiger, trustee of in een andere hoedanigheid, zullen worden beschouwd als rechtstreeks toebehorend aan deze vijandelijke Duitser. De vraag van erkenning van enig belang, dat de houder van deze vermogensbestanddelen terzake van deze bestanddelen kan doen gelden, wordt door het vorengaande niet aangetast, doch zal in ieder afzonderlijk geval door middel van onderhandelingen tussen de Verdragsluitende Regeringen worden opgelost.

Regeling
Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland inzake onderling strijdige aanspraken op buiten Duitsland gelegen Duitse bezittingen
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
27-03-1951
BWB-id
BWBV0005765
Versie
1951-03-27_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl