wetzoeker

Tekst Notawisseling tussen het Koninkrijk der Nederlanden en Canada inzake surplus guldens en civil affairs goederen

No. 1735.

9 Mei 1949.

Mijnheer,

Ik heb de eer de ontvangst te bevestigen van Uw nota No. 41, d.d. 3 Mei 1949, houdende een voorstel voor de regeling van de resterende vorderingen van de Canadese Regering op de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden, en ik heb het genoegen U mede te delen, dat de Nederlandse Regering geheel instemt met de wijze en de voorwaarden van afdoening zoals daarin werd uiteengezet.

Handelende in opdracht van mijn Regering aanvaard ik hiermede de voorstellen van de Canadese Regering voor de vereffening van deze vorderingen. Ik stem er eveneens mede in, dat Uw nota Nr. 41 van 3 Mei j.l. en mijn antwoord d.d. heden zullen worden beschouwd een overeenkomst te vormen tussen de Regeringen van Canada en van het Koninkrijk der Nederlanden.

Bij deze gelegenheid wens ik uiting te geven aan de waardering en de dankbaarheid van mijn Regering voor de regeling welke nu is bereikt en voor het begrip door de Canadese Regering getoond voor de ernstige problemen van financieel en economisch herstel in Nederland als een gevolg van de ontberingen en de verwoestingen waarvan het land gedurende de oorlog te lijden heeft gehad.

Ik heb de eer te zijn,

Mijnheer,

Uw geh. dienaar,

Mr. H. F. ESCHAUZIER.

De Minister van Buitenlandse Zaken,

East Block,

Ottawa.

Regeling
Notawisseling tussen het Koninkrijk der Nederlanden en Canada inzake surplus guldens en civil affairs goederen
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
09-05-1949
BWB-id
BWBV0005734
Versie
1949-05-09_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl