wetzoeker

Artikel 45 Vredesverdrag tussen de Geallieerde en Geassocieerde Mogendheden en Italië

OORLOGSMISDADIGERS

1 Italië zal de nodige maatregelen treffen voor de aanhouding en uitlevering ter berechting van:

a. personen, beschuldigd oorlogsmisdaden of misdaden tegen de vrede en de mensheid te hebben bedreven, tot het bedrijven daarvan opdracht te hebben gegeven of daaraan medeplichtig te zijn geweest;

b. onderdanen van een Geallieerde en Geassocieerde Mogendheid, beschuldigd de wetten van hun land te hebben geschonden door het plegen van verraad of het verlenen van medewerking aan de vijand tijdens de oorlog.

2 Op verzoek van de betrokken Regering van een der Verenigde Naties zal Italië eveneens de verschijning als getuigen moeten waarborgen van binnen zijn rechtsgebied verblijvende personen, wier verklaringen noodzakelijk zijn voor de berechting van de in lid 1 van dit artikel bedoelde personen.

3 Alle geschillen omtrent de toepassing van de bepalingen in lid 1 en 2 van dit artikel zullen door ieder van de betrokken Regeringen worden voorgelegd aan de Ambassadeurs te Rome van de Sowjet-Unie, de Verenigde Staten van Amerika, het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk, die omtrent de gerezen moeilijkheden een accoord zullen treffen.

Regeling
Vredesverdrag tussen de Geallieerde en Geassocieerde Mogendheden en Italië
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
17-02-1949
BWB-id
BWBV0005714
Versie
1949-02-17_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl