wetzoeker

BIJLAGE XIV — Economische en Financiële Bepalingen, betreffende de Afgestane Gebieden (deel 1) Vredesverdrag tussen de Geallieerde en Geassocieerde Mogendheden en Italië

Economische en Financiële Bepalingen, betreffende de Afgestane Gebieden

1. De Rechtsopvolgende Staat zal zonder betaling de Italiaanse Staats- of semi- Staatseigendommen ontvangen, welke zich op het krachtens dit Verdrag afgestane gebied bevinden, evenals alle archieven en documenten van administratief karakter of historische waarde, welke betrekking hebben op dit gebied of op de, bij de uitvoering van dit lid, overgedragen eigendommen.

Onder Staats- en semi-Staatseigendommen wordt in deze bijlage verstaan, roerende en onroerende goederen van de Italiaanse Staat, van plaatselijke publiekrechtelijke lichamen, van openbare instellingen, vennootschappen en verenigingen, welke publiek eigendom zijn, alsmede de roerende en onroerende goederen, welke tot de Fascistische Partij of haar nevenorganisaties hebben behoord.

2. Elke overdracht van Italiaanse Staats- of semi-Staatseigendommen, zoals bedoeld in lid 1 hierboven vermeld, welke na 3 September 1943 heeft plaats gevonden, zal als van nul en gener waarde beschouwd worden. Deze bepaling zal echter niet van toepassing zijn op wettige handelingen, welke verband houden met de gangbare werkzaamheden van Staats- of semi-Staatsorganen, voor zover hier sprake is van de verkoop, onder normale omstandigheden, van goederen, welke deze organen gewoonlijk voortbrengen of verkopen bij de tenuitvoerlegging van normale handelsovereenkomsten, of in de normale loop van bestuurswerkzaamheden van openbare aard.

3. De Italiaanse onderzeese kabels, welke punten of welke een punt in het afgestane gebied met een punt in een ander gebied van de Rechtsopvolgende Staat verbindt, zullen worden beschouwd als Italiaans bezit, dat gelegen is binnen het afgestane gebied, ondanks het feit, dat bepaalde delen van deze kabels zich buiten de territoriale wateren kunnen bevinden. De Italiaanse onderzeese kabels, welke een punt van het afgestane gebied verbinden met een punt, dat buiten de rechtsbevoegdheid van de Rechtsopvolgende Staat valt, zullen worden beschouwd als Italiaans bezit, dat gelegen is binnen het afgestane gebied, wat betreft de eindinstallaties en die gedeelten van de kabels, welke binnen de territoriale wateren van het afgestane gebied liggen.

4. De Italiaanse Regering zal aan de Rechtsopvolgende Staat alle voorwerpen van artistieke, historische of archaeologische waarde teruggeven, welke tot het culturele erfdeel van het afgestane gebied behoren en welke, toen dit gebied zich onder Italiaanse overheersing bevond, zonder betaling zijn weggevoerd en door de Italiaanse Regering of door Italiaanse openbare instellingen zijn vastgehouden.

5. De Rechtsopvolgende Staat zal overgaan tot het wisselen tegen eigen geld, van Italiaanse betaalmiddelen, welke in het afgestane gebied zijn behouden door natuurlijke personen, die daar woonachtig blijven of door rechtspersonen, die er hun werkzaamheden blijven uitoefenen. Volledige bewijzen over de herkomst van de ter uitbetaling aangeboden fondsen, zullen aan de houders gevraagd kunnen worden.

6. De Regering van de Rechtsopvolgende Staat zal niet gehouden zijn enige bijdrage te leveren voor de betaling van de Italiaanse Staatsschuld, maar zij zal de verplichtingen op zich moeten nemen van de Italiaanse Staat tegenover houders van deze schuldbewijzen, hetzij dat het natuurlijke personen zijn, die blijven wonen in het afgestane gebied, hetzij dat het rechtspersonen zijn, die er hun zetel of hun hoofdkantoor aanhouden, voor zover deze verplichtingen overeenkomen met dat gedeelte van deze Schuld, waarvan de effecten voor 10 Juni 1940 zijn uitgegeven en dat bestemd kan worden voor openbare werken en burgerlijke bestuursdiensten, ten behoeve van genoemd gebied, maar dat niet direct of indirect voor militaire doeleinden bestemd kan worden.

Volledige bewijzen, betreffende de herkomst dezer effecten, zullen aan de houders kunnen worden gevraagd.

De Rechtsopvolgende Staat en Italië zullen bij overeenkomst het deel vaststellen van de openbare Italiaanse schuld, bedoeld in dit lid, en de toe te passen methoden voor de uitvoering dezer bepalingen.

7. De Rechtsopvolgende Staat en Italië zullen bij bijzondere overeenkomst de voorwaarden regelen, waaronder de verplichtingen van openbare of particuliere Italiaanse sociale verzekeringsinstellingen, ten opzichte van de bewoners van het afgestane gebied, evenals een evenredig deel van de gekweekte reserves der genoemde instellingen, aan soortgelijke instellingen van de Rechtsopvolgende Staat zullen worden overgedragen.

De Rechtsopvolgende Staat en Italië zullen bij soortgelijke overeenkomsten de verplichtingen regelen van de openbare of particuliere Italiaanse sociale verzekeringsinstellingen, wier zetel in het afgestane gebied ligt, ten opzichte van houders van polissen of van contribuerenden, die in Italië verblijf houden.

8. Italië zal gehouden blijven de uitbetaling van burgerlijke of militaire pensioenen, welke verkregen zijn op de datum van het van kracht worden van dit Verdrag, in dienst van de Italiaanse Staat of van openbare, gemeentelijke of plaatselijke publiekrechtelijke lichamen te verzekeren, door personen, die krachtens dit Verdrag, de nationaliteit van de Rechtsopvolgende Staat verkrijgen; deze verplichting sluit eveneens de nog niet vervallen pensioenrechten in. De Opvolgende Staat en Italië zullen bij overeenkomst de voorwaarden regelen, waaronder Italië aan deze verplichting zal voldoen.

9. De goederen, rechten en belangen van Italiaanse onderdanen, die hun vaste woonplaats hebben in de, bij het van kracht worden van dit Verdrag, afgestane gebieden, zullen in dezelfde mate geëerbiedigd worden als die der onderdanen van de Rechtsopvolgende Staat, mits zij wettig verkregen zijn.

De goederen, rechten en belangen van andere Italiaanse onderdanen en van rechtspersonen van Italiaanse nationaliteit, zullen, mits zij wettig verkregen zijn, slechts aan die wettelijke bepalingen onderworpen zijn, welke zo mogelijk, in het algemeen kunnen worden toegepast op het eigendom van natuurlijke en rechtspersonen van vreemde nationaliteit.

Deze goederen, rechten en belangen zullen noch aan retentie onderhevig zijn, noch geliquideerd worden, krachtens artikel 79 van dit Verdrag; zij zullen aan de eigenaren teruggegeven worden, vrij van de gevolgen van alle maatregelen van die aard of van enige andere maatregel van overdracht, gedwongen beheer of sequestratie, welke genomen zijn in de loop van het tijdvak van 3 September 1943 tot de datum van het van kracht worden van dit Verdrag.

10. Personen, die de Italiaanse nationaliteit kiezen en zich in Italië vestigen, zullen, na afbetaling van schulden of belastingen, welke zij in het Vrije Gebied verschuldigd zouden zijn, het recht hebben hun roerende goederen mee te nemen en de fondsen, welke zij bezitten, over te dragen, mits deze goederen en fondsen wettig zijn verkregen. Er zullen generlei uit- of invoerrechten geheven worden op de overbrenging van deze goederen. Deze personen zullen bovendien bevoegd zijn hun roerende en onroerende goederen onder dezelfde voorwaarden te verkopen, als de onderdanen van de Rechtsopvolgende Staat

De overbrenging der goederen naar Italië zal geschieden op de voorwaarden en binnen de grenzen, welke bij overeenkomst tussen de Rechtsopvolgende Staat en Italië zijn vastgesteld.

De voorwaarden en andere details, betreffende de overbrenging der fondsen, inclusief de opbrengst van de verkoop der goederen, zullen eveneens bij overeenkomst worden vastgesteld.

11. De goederen, rechten en belangen, welke in Italië bestaan bij het van kracht worden van dit Verdrag, en toebehoren aan vroegere Italiaanse onderdanen, die in de afgestane gebieden wonen en onderdanen van een ander land zijn geworden krachtens dit Verdrag, zullen door Italië in dezelfde mate geëerbiedigd worden als de goederen, rechten en belangen van onderdanen der Verenigde Naties in het algemeen.

Deze personen zullen bevoegd zijn hun goederen, rechten en belangen over te brengen en te liquideren, onder de voorwaarden, voorzien in lid 10, hierboven vermeld.

Regeling
Vredesverdrag tussen de Geallieerde en Geassocieerde Mogendheden en Italië
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
17-02-1949
BWB-id
BWBV0005714
Versie
1949-02-17_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl