wetzoeker

Artikel 35 Overeenkomst betreffende onderling strijdige aanspraken op buiten Duitsland gelegen Duitse bezittingen

Arbitrage

Teneinde de uitvoering der bepalingen van artikel 4 van de Overeenkomst, waaraan dit Aanhangsel is toegevoegd, te verzekeren, zal een uit zeven leden bestaand College van Scheidslieden op de volgende wijze worden gevormd:

I) Alle Partijen, welke de Overeenkomst hebben getekend vóór het verstrijken van zes maanden, nadat de overeenkomst van kracht is geworden, kunnen schriftelijk aan de Secretaris-Generaal van de Intergeallieerde Organisatie voor Herstelbetalingen niet meer dan drie candidaten voordragen voor de verkiezing der leden van dit College. Het is de Secretaris-Generaal niet toegestaan na verloop van deze termijn nog voordrachten in ontvangst te nemen.

II) De Secretaris-Generaal zal bij geheime stemming een verkiezing van de leden van het College doen houden, waarbij slechts die Partijen stemrecht hebben, welke de Overeenkomst hebben getekend vóór het verstrijken van zes maanden nadat zij van kracht is geworden.

III) Iedere Partij heeft het recht één stem uit te brengen ter aanvulling van iedere vacature in het College, maar zij mag op één candidaat niet meer dan één stem uitbrengen.

IV) De zeven candidaten, die het hoogste aantal stemmen hebben behaald, zullen als in het College gekozen worden beschouwd, met dien verstande, dat iedere verkozen candidaat ten minste twee derden der door Partijen uitgebrachte stemmen moet behalen en dat niet meer dan twee personen van dezelfde nationaliteit worden gekozen.

V) Uit de aldus gekozen zeven leden van het College zal door de stemgerechtigde Partijen, die ieder één stem uitbrengen, bij geheime stemming een Voorzitter van het College worden gekozen, waarvoor een meerderheid van ten minste twee derden van de uitgebrachte stemmen vereist is.

VI) Indien de Voorzitter of een ander lid van het college overlijdt of aftreedt, zal de vacature worden vervuld door stemming door de landen, die alsdan Partijen zijn. Iedere Partij heeft het recht één candidaat voor te dragen en de verkiezing dient te geschieden met een meerderheid van ten minste twee derden der uitgebrachte stemmen.

Regeling
Overeenkomst betreffende onderling strijdige aanspraken op buiten Duitsland gelegen Duitse bezittingen
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
24-01-1951
BWB-id
BWBV0005692
Versie
1951-01-24_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl