wetzoeker

Bijlage E Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Verenigde Staten van Amerika tot wederzijdse hulpverlening inzake verdediging

Gezien het feit, dat leden van het personeel, die onderdanen zijn van het ene land, met inbegrip van tijdelijk benoemd personeel, voor wat betreft hun betrekking tot de Regering van het land, waarvoor zij zijn benoemd, zullen werken als onderdeel van de Ambassade onder leiding en toezicht van het Hoofd van de Diplomatieke Missie van de Regering van het betrokken land, is het wel verstaan, dat, in verband met Artikel V, lid 2, van het Verdrag tot Wederzijdse Hulpverlening inzake Verdediging, de status van deze ambtenaren, die worden beschouwd als een onderdeel van de Diplomatieke Missie van deze andere Regering, dezelfde zal zijn als de status van ambtenaren met een met de hunne overeenkomende rang van deze Diplomatieke Missie, die onderdanen zijn van het andere land. Deze ambtenaren zullen door de Regering, welke hen benoemt, worden verdeeld in drie categorieën:

a. Na behoorlijke kennisgeving van de ene Regering aan de andere zal volledige diplomatieke status worden verleend aan het hoogste militaire lid en aan de hoogste officier van de Land-, Zee- of Luchtstrijdkrachten, die daarvoor zijn benoemd, en aan hun onderscheiden onmiddellijke plaatsvervangers.

b. De tweede categorie van ambtenaren zal de voorrechten en immuniteiten genieten, welke worden toegekend volgens internationaal gebruik, als door de beide Regeringen erkend, aan bepaalde categorieën van ambtenaren van de Ambassade van de andere Regering, zoals immuniteit van burgerlijke en strafrechtspraak van het ontvangende land, immuniteit van onderzoek of inbeslagneming van officiële stukken, het recht het land vrijelijk te verlaten, vrijstelling van douanerechten of soortgelijke heffingen of beperkingen met betrekking tot persoonlijke eigendommen, welke in het ontvangende land worden ingevoerd door deze ambtenaren voor hun persoonlijk gebruik en verbruik, onverminderd de bestaande bepalingen inzake vreemde valuta, en vrijdom van binnenlandse belasting door het ontvangende land op salarissen van deze ambtenaren. Bijzondere voorrechten, verbonden aan de diplomatieke status, zoals diplomatieke nummerborden voor automobielen, opneming in de Lijst van het Diplomatieke Corps en sociaal gunstbetoon, kunnen voor deze categorie van ambtenaren door beide Regeringen worden terzijde gesteld.

c. De derde categorie van ambtenaren zal dezelfde status hebben als het kantoorpersoneel van de Diplomatieke Missie.

Het is wel verstaan tussen de beide Regeringen, dat het aantal ambtenaren in deze drie categorieën zo laag mogelijk zal worden gehouden. De status als hierboven omschreven kan voor daarvoor in aanmerking komende ambtenaren en vertegenwoordigers van de landen, Partij bij het Noord-Atlantisch Verdrag, worden vervangen door een status, nader overeen te komen tussen die landen.

Regeling
Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Verenigde Staten van Amerika tot wederzijdse hulpverlening inzake verdediging
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
27-01-1950
BWB-id
BWBV0005675
Versie
1950-01-27_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl