wetzoeker

Artikel 2 Internationale Regeling tot bestrijding van de zogenaamde handel in vrouwen en meisjes, zoals gewijzigd door het Protocol van 4 mei 1949

De Duitsche Regeering verklaart zich Hare besluiten nopens Hare Koloniën voor te behouden.

De Deensche Regeering verklaart dat Zij zich het recht voorbehoudt om voor de Deensche Koloniën tot de Regeling toe te treden.

De Spaansche Regeering verklaart zich Hare besluiten nopens Hare Koloniën voor te behouden.

De Fransche Regeering verklaart dat de Regeling toepasselijk zal zijn op alle Fransche Koloniën.

De Regeering van Zijne Britsche Majesteit verklaart zich het recht voor te behouden om tot de Regeling toe te treden en deze op te zeggen voor elke Britsche Kolonie of Bezitting afzonderlijk.

De Italiaansche Regeering verklaart dat de Regeling toepasselijk zal zijn in de Kolonie Erythrea.

De Regeering van Nederland verklaart dat de Regeling toepasselijk zal zijn in alle Nederlandsche Koloniën.

De Portugeesche Regeering verklaart zich de beslissing voor te behouden of later de Regeling in eenige der Portugeesche Koloniën in werking zal treden.

De Russische Regeering verklaart dat de Regeling toepasselijk zal zijn zonder onderscheid in het geheele grondgebied van het Rijk in Europa en in Azië.

Regeling
Internationale Regeling tot bestrijding van de zogenaamde handel in vrouwen en meisjes, zoals gewijzigd door het Protocol van 4 mei 1949
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
21-06-1951
BWB-id
BWBV0005574
Versie
1951-06-21_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl