wetzoeker

Artikel I Verdrag strekkende tot voorkoming van dubbele belasting voortvloeiende uit de toepassing van de buitengewone belastingen op het vermogen of op de vermogensaanwas, geheven in Nederland en in Frankrijk

Belastingen op het Vermogen

De bezittingen hierna genoemd, toebehorende aan natuurlijke personen, zijn belastbaar, te weten:

a) de onroerende goederen en de roerende lichamelijke zaken, andere dan goud en munten of bankpapier, gelegen in een van de beide Staten, in die Staat;

b) de lichamelijke en onlichamelijke bedrijfsmiddelen (fonds de commerce ou d'industrie), gebruikt in een van de beide Staten, in die Staat.

In dit verband omvatten de lichamelijke en onlichamelijke bedrijfsmiddelen (fonds de commerce ou d'industrie) in het bijzonder het materieel, de koopmansgoederen, het huurrecht, de beklanting, de patenten en fabrieksmerken en andere onlichamelijke bestanddelen, alsmede de vorderingen, effecten, en bankdeposito's, die ermede in verband staan.

Filialen, fabrieken, en werkplaatsen, verkoopkantoren, alsmede opslagplaatsen, beheerd door niet zelfstandige vertegenwoordigers, gelegen in een van de beide Staten en afhankelijk van een inrichting die haar zetel in de andere Staat heeft, worden voor de toepassing van dit artikel beschouwd als afzonderlijke lichamelijke en onlichamelijke bedrijfsmiddelen (fonds de commerce ou d'industrie) en zijn belastbaar in de Staat van hun ligging.

Regeling
Verdrag strekkende tot voorkoming van dubbele belasting voortvloeiende uit de toepassing van de buitengewone belastingen op het vermogen of op de vermogensaanwas, geheven in Nederland en in Frankrijk
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
22-05-1954
BWB-id
BWBV0005563
Versie
1954-05-22_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl