wetzoeker

Artikel 1 Verdrag betreffende de nachtarbeid van jeudige personen in de nijverheid werkzaam

Algemene bepalingen

1 Voor de toepassing van dit verdrag worden als „nijverheidsondernemingen” met name beschouwd:

a. mijnen, groeven en alle andere inrichtingen voor het winnen van minerale stoffen uit de aardbodem;

b. ondernemingen, waarin goederen worden vervaardigd, veranderd, gereinigd, hersteld, versierd, afgewerkt, tot verkoop geschikt gemaakt, gesloopt of vernietigd, of waarin stoffen een verandering ondergaan, hieronder begrepen scheepsbouwondernemingen, ondernemingen voor de voortbrenging, transformatie en overbrenging van electriciteit en van alle andere beweegkracht;

c. bouwondernemingen en ondernemingen voor de burgerlijke bouwwerken, daaronder begrepen bouw-, herstel-, onderhouds-, veranderings- en slopingswerkzaamheden.

d. ondernemingen voor het vervoer van personen of goederen langs wegen of spoorwegen, met inbegrip van het behandelen der goederen in havens, op kaden, werven, in opslagplaatsen of luchthavens.

2 De bevoegde autoriteit zal de scheidingslijn aangeven tussen de nijverheid enerzijds en de landbouw, de handel en de andere niet-industriële werkzaamheden anderzijds.

3 De nationale wetgeving zal van de toepassing van dit verdrag kunnen uitzonderen het tewerkstellen bij arbeid, welke als niet schadelijk of nadelig voor jeugdige personen, noch gevaarlijk voor hen wordt beschouwd, in familie-ondernemingen, waarin uitsluitend de ouders en hun kinderen of pupillen werkzaam zijn.

Regeling
Verdrag betreffende de nachtarbeid van jeudige personen in de nijverheid werkzaam
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
13-11-1964
BWB-id
BWBV0005479
Versie
1964-11-13_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl