wetzoeker

Artikel 40 Verdrag van Genève voor de verbetering van het lot der gewonden, zieken en schipbreukelingen van de strijdkrachten ter zee

Van de geneeskundige transporten

De hospitaalvliegtuigen van de Partijen bij het conflict mogen, behoudens het bepaalde in het tweede lid, over het grondgebied van onzijdige Mogendheden vliegen, daarop in geval van nood landen of een tussenlanding maken. Zij moeten de onzijdige Mogendheden tevoren in kennis stellen met hun vlucht over het betrokken grondgebied en aan iedere sommatie om te landen of op het water neer te strijken gevolg geven. Zij mogen niet worden aangevallen zolang zij vliegen op hoogten, op tijden en volgens routes, zoals deze uitdrukkelijk bij overeenkomst tussen de Partijen bij het conflict en de betrokken onzijdige Mogendheden zijn vastgesteld.

De onzijdige Mogendheden kunnen echter aan het overvliegen van of het landen op haar grondgebied door hospitaalvliegtuigen voorwaarden of beperkingen verbinden. Zodanige voorwaarden of beperkingen zullen ten aanzien van alle Partijen bij het conflict gelijkelijk worden toegepast.

Tenzij tussen de onzijdige Staat en de Partijen bij het conflict anders is overeengekomen, moeten de gewonden, zieken of schipbreukelingen, die met toestemming van de plaatselijke autoriteiten door een hospitaalvliegtuig op onzijdig gebied worden ontscheept, in de gevallen waarin het internationale recht zulks voorschrijft, op zodanige wijze door de onzijdige Staat worden bewaakt, dat zij niet opnieuw aan de krijgsverrichtingen kunnen deelnemen. De hospitaalen interneringskosten zullen worden gedragen door de Mogendheid tot welke de gewonden, zieken of schipbreukelingen behoren.

Regeling
Verdrag van Genève voor de verbetering van het lot der gewonden, zieken en schipbreukelingen van de strijdkrachten ter zee
Afkortingen
Rode Kruis Verdrag, Verdrag van Genève
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
03-02-1955
BWB-id
BWBV0005410
Versie
1955-02-03_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl