wetzoeker

II Notawisseling tussen de Nederlandse en de Australische Regering tot wijziging van de Notawisseling van 10 februari 1956 betreffende de resterende intercustodiale geschillen tussen het Koninkrijk der Nederlanden en Australië

MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN

9 oktober 1957

Mijnheer,

Ik heb de eer de ontvangst te bevestigen van de nota van Zijne Excellentie de Nederlandse Ambassadeur, gedateerd 5 augustus 1957, welke als volgt luidt:

(zoals in n. I)

Ik heb de eer U mede te delen dat de Regering van het Australische Gemenebest met voorgaande voorstellen instemt en er tevens mede instemt dat de nota van Zijne Excellentie de Ambassadeur van 5 augustus 1957 en dit antwoord geacht zullen worden een integrerend deel te vormen van de overeenkomst tussen onze beide Regeringen inzake de definitieve regeling van Nederlands-Australische intercustodiale geschillen.

Ik heb de eer te zijn,

Mijnheer,

Uw dienstwillige dienaar,

(w.g.) P. A. McBRIDE

Minister van Buitenlandse Zaken a.i.

De Heer R. Fack,

Tijdelijk Zaakgelastigde,

Koninklijke Nederlandse Ambassade,

Canberra, A.C.T.

Regeling
Notawisseling tussen de Nederlandse en de Australische Regering tot wijziging van de Notawisseling van 10 februari 1956 betreffende de resterende intercustodiale geschillen tussen het Koninkrijk der Nederlanden en Australië
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-07-1958
BWB-id
BWBV0005406
Versie
1958-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl