wetzoeker

Artikel 12 Verdrag betreffende werk in de visserijsector

MINIMUMEISEN VOOR HET WERKEN AAN BOORD VAN VISSERSVAARTUIGEN

In aanvulling op de vereisten vervat in artikel 10 en artikel 11 geldt voor vissersvaartuigen met een lengte van 24 meter of meer of vissersvaartuigen die gewoonlijk langer dan drie dagen op zee blijven het volgende:

1. In de geneeskundige verklaring van een visser wordt ten minste vermeld dat:

a. het gehoor- en gezichtsvermogen van de desbetreffende visser voldoende zijn voor diens taken op het vaartuig; en

b. de visser niet lijdt aan een medische aandoening die mogelijk wordt verergerd door werk op zee of de visser mogelijk ongeschikt maakt voor dergelijk werk of de veiligheid of gezondheid van andere opvarenden in gevaar kan brengen.

2. De geneeskundige verklaring geldt voor een tijdvak van ten hoogste twee jaar, tenzij de visser jonger is dan 18 jaar, in welk geval de geldigheidsduur ten hoogste een jaar bedraagt.

3. Indien de geldigheidsduur van een verklaring verstrijkt tijdens een reis, blijft deze geldig tot het eind van die reis.

Regeling
Verdrag betreffende werk in de visserijsector
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
19-12-2020
BWB-id
BWBV0005397
Versie
2020-12-19_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl