wetzoeker

Artikel 13 Vredesverdrag met Japan

Politieke en economische bepalingen

(a) Japan zal met elk der Geallieerde Mogendheden, zodra één of meer van deze Mogendheden daartoe een verzoek doen, onverwijld onderhandelingen openen tot het sluiten van bilaterale of multilaterale overeenkomsten betreffende het internationale burgerlijke luchtvervoer.

(b) In afwachting van het sluiten van een dergelijke overeenkomst of dergelijke overeenkomsten zal Japan, gedurende een periode van vier jaar te rekenen vanaf de datum, waarop dit Verdag voor het eerst in werking treedt, een zodanige Mogendheid geen ongunstiger behandeling ten deel doen vallen met betrekking tot luchtverkeersrechten en -voorrechten dan die, welke worden uitgeoefend door één van die Mogendheden op de datum van bedoelde inwerkingtreding, en met betrekking tot de exploitatie en ontwikkeling van luchtlijnen aan iedereen volkomen gelijke gelegenheid bieden.

(c) In afwachting van het ogenblik, waarop Japan partij wordt bij het Verdrag inzake de Internationale Burgerlijke Luchtvaart in overeenstemming met Artikel 93 van dat Verdrag, zal Japan de bepalingen van dat Verdrag uitvoeren voorzover zij betrekking hebben op de internationale navigatie van vliegtuigen, en de normen, practijken en procedures, aanvaard als bijlagen bij het Verdrag, ten uitvoer leggen in overeenstemming met de bepalingen van het Verdrag.

Regeling
Vredesverdrag met Japan
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
17-06-1952
BWB-id
BWBV0005388
Versie
1952-06-17_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl