wetzoeker

Artikel Aanvullende Overeenkomst bij het Verdrag tussen de Staten die partij zijn bij het Noordatlantische Verdrag nopens de rechtspositie van hun krijgsmachten, met betrekking tot de in de Bondsrepubliek Duitsland gestationeerde buitenlandse krijgsmachten

Gemeenschappelijke protocollen en verklaringen betreffende het NAVO-Status Verdrag

1 Met het oog op de definitie van „krijgsmacht” beschouwt de Bondsrepubliek het NAVO-Status Verdrag en de Aanvullende Overeenkomst als mede van toepassing zijnde op krijgsmachten van een staat van herkomst, die zich tijdelijk op het gebied van de Bondsrepubliek bevinden in overeenstemming met artikel 1, derde lid van het Verdrag inzake het verblijf van vreemde krijgsmachten in de Bondsrepubliek Duitsland van 23 oktober 1954.

2 Militaire attachés van een staat van herkomst in de Bondsrepubliek, de leden van hun staven alsmede ander militair personeel die een diplomatieke of andere speciale status in de Bondsrepubliek genieten, worden niet geacht een „krijgsmacht” te vormen in de zin van het NAVO-Status Verdrag en de Aanvullende Overeenkomst, of daarvan deel uit te maken.

3 De regeringen van de staten van herkomst zullen al het mogelijke doen om - behalve in geval van militaire noodzaak - personen die uitsluitend Duitser zijn niet als lid van een krijgsmacht in het gebied van de Bondsrepubliek te stationeren.

4

(a) De volgende financieel zelfstandige organisaties en diensten vormen een integrerend onderdeel van de Amerikaanse krijgsmacht:

(i) European Exchange System (EES)

(ii) Air Forces Europe Exchange (AFEX)

(iii) USAREUR Class VI Agency

(iv) USAFE Class VI Agency

(v) European Motion Picture Service

(vi) USAFE Motion Picture Service

(vii) USAREUR Special Services Fund

(viii) USAREUR Special Services Reimbursable Fund

(ix) American Forces Network

(x) Dependent Education Group (met inbegrip van scholen voor gezinsleden)

(xi) Armed Forces Recreation Center Fund

(xii) Association of American Rod and Gun Clubs in Europe

(xiii) Stars and Stripes

(xiv) Andere financieel zelfstandige organisaties met inbegrip van erkende clubs en messes (authorized clubs and messes).

(b) De onder (a ) punt (xiv) bedoelde organisaties doen aanschaffingen die vrij van belastingen en rechten zijn door tussenkomst van de officieel aangewezen aanschaffingsdiensten van de krijgsmacht, in overeenstemming met de overeengekomen procedures.

(c) De lijst van de onder (a ) vermelde organisaties en diensten kan worden gewijzigd voorzover zulks noodzakelijk is in verband met organisatorische veranderingen.

5 Leden van de in Berlijn gestationeerde strijdkrachten van een staat van herkomst, hun civiele diensten en gezinsleden worden beschouwd en behandeld als leden van de krijgsmacht of van de civiele dienst of als gezinsleden, wanneer zij zich als verlofganger op het gebied van de Bondsrepubliek bevinden.

Regeling
Aanvullende Overeenkomst bij het Verdrag tussen de Staten die partij zijn bij het Noordatlantische Verdrag nopens de rechtspositie van hun krijgsmachten, met betrekking tot de in de Bondsrepubliek Duitsland gestationeerde buitenlandse krijgsmachten
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
05-06-1998
BWB-id
BWBV0005381
Versie
1998-06-05_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl