wetzoeker

Artikel 2 Verdrag inzake de overbrenging van gevonniste personen tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Peru

1 De Partijen verbinden zich elkaar wederzijds in de ruimst mogelijke mate medewerking te verlenen met betrekking tot de overdracht van gevonniste personen en de tenuitvoerlegging van veroordelingen overeenkomstig de bepalingen van dit Verdrag.

2 Een op het grondgebied van een Partij gevonniste persoon kan, overeenkomstig de bepalingen van dit Verdrag, naar het grondgebied van de andere Partij worden overgebracht teneinde de tegen hem uitgesproken veroordeling te ondergaan. Te dien einde kan hij de overbrengende Staat of de ontvangende Staat zijn wens te kennen geven overeenkomstig dit Verdrag te worden overgebracht.

3 De overbrenging kan door de overbrengende Staat of door de ontvangende Staat worden verzocht.

Regeling
Verdrag inzake de overbrenging van gevonniste personen tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Peru
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-03-2014
BWB-id
BWBV0005347
Versie
2014-03-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl