wetzoeker

Artikel 7 Overeenkomst inzake de tenuitvoerlegging van de artikelen 55 en 56 van het Verdrag tot instelling van de Benelux Economische Unie

Tegen de onderdanen van een der Verdragsluitende Partijen, die met toestemming gevestigd zijn op het grondgebied van een andere Verdragsluitende Partij, kunnen geen maatregelen tot verwijdering worden getroffen dan nadat hieromtrent aan de Minister van Justitie van het land van verblijf advies is uitgebracht door een bevoegde autoriteit van dat land, ten overstaan van wie betrokkenen hun verweermiddelen kunnen doen gelden en zich kunnen doen vertegenwoordigen of bijstaan door een advocaat hunner keuze.

Bovendien wordt de maatregel tot verwijdering, alvorens tot tenuitvoerlegging daarvan wordt overgegaan, rechtstreeks ter kennis gebracht van de bevoegde diensten van de Verdragsluitende Partij, waarvan betrokkene onderdaan is.

Deze kennisgeving vermeldt de redenen van de maatregel tot verwijdering.

Regeling
Overeenkomst inzake de tenuitvoerlegging van de artikelen 55 en 56 van het Verdrag tot instelling van de Benelux Economische Unie
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-10-1963
BWB-id
BWBV0005296
Versie
1963-10-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl