wetzoeker

Nr. II Notawisseling tussen de Nederlandse en de Australische Regering inzake vrijstelling van rechten op voorraden motorbrandstof e.d. van vliegtuigen

MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN a.i.

Canberra.

29 november 1956.

Excellentie,

Ik heb de eer de ontvangst te bevestigen van Uw nota van heden, welke als volgt luidt:

(Zoals in nr. I)

Ik heb de eer U mede te delen, dat de Regering van het Gemenebest van Australië de bovenstaande voorstellen aanvaardt en ermede instemt, dat Uw nota en dit antwoord geacht zullen worden een overeenkomst tussen onze beide Regeringen te vormen en deze vast te leggen en dat de overeenkomst in werking zal treden op de datum waarop de Australische Regering een nota ontvangt waarin vanwege de Nederlandse Regering wordt verklaard, dat de in Nederland vereiste grondwettelijke goedkeuring is verkregen.

Ik heb de eer te zijn,

Hoogachtend,

Uwer Excellentie's dienstwillige dienaar,

(w.g.) P. A. McBRIDE

Minister van Buitenlandse Zaken a.i.

Zijner Excellentie de Heer

A. M. L. Winkelman,

Buitengewoon en Gevolmachtigd

Ambassadeur van het Koninkrijk

der Nederlanden,

Ambassade der Nederlanden,

Canberra. A.C.T.

Regeling
Notawisseling tussen de Nederlandse en de Australische Regering inzake vrijstelling van rechten op voorraden motorbrandstof e.d. van vliegtuigen
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
14-04-1958
BWB-id
BWBV0005209
Versie
1958-04-14_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl