wetzoeker

Artikel 2 Europese Overeenkomst betreffende de douanebehandeling van laadborden gebruikt bij internationaal vervoer

Algemene bepalingen

1 Iedere Overeenkomstsluitende Partij laat laadborden met vrijstelling van rechten en heffingen terzake van de invoer toe, zonder toepassing van invoerverboden of -beperkingen, op voorwaarde:

a. dat zij voordien werden uitgevoerd of later weder zullen worden uitgevoerd; of

b. dat een gelijk aantal laadborden van dezelfde soort en van ongeveer dezelfde waarde voordien werd uitgevoerd of later zal worden uitgevoerd.

2 Onder voorbehoud van het bepaalde in artikel 3 van deze Overeenkomst worden de formaliteiten voor de toepassing van de in lid 1 van dit artikel voorziene regeling bepaald door de voorschriften van elk der Overeenkomstsluitende Partijen. Inzonderheid zullen deze voorschriften bepalingen kunnen bevatten ter voorkoming van definitieve invoer, vrij van rechten en heffingen terzake van de invoer van een groter aantal laadborden dan zijn uitgevoerd of zullen worden uitgevoerd.

3 Iedere Overeenkomstsluitende Partij streeft er naar de formaliteiten zoveel mogelijk te vereenvoudigen en, inzonderheid, geen zekerheidstelling te eisen voor de rechten en heffingen terzake van de invoer.

Regeling
Europese Overeenkomst betreffende de douanebehandeling van laadborden gebruikt bij internationaal vervoer
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
20-01-1963
BWB-id
BWBV0005179
Versie
1963-01-20_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl