wetzoeker

Artikel 15 Verdrag nopens de bestrijding van discriminatie in het onderwijs

De staten die partij zijn bij dit Verdrag erkennen dat dit Verdrag niet alleen van toepassing is op hun moederland doch ook op alle niet-zelfbesturende, trustschaps-, koloniale en andere gebieden voor wier internationale betrekkingen zij verantwoordelijk zijn; zij verplichten zich om bij of voor de bekrachtiging aanvaarding of toetreding overleg te plegen met de regeringen of andere bevoegde autoriteiten van die gebieden teneinde de toepassing van dit Verdrag op die gebieden te verzekeren, en om de Directeur-Generaal van de Organisatie der Verenigde Naties voor Onderwijs, Wetenschap en Cultuur mede te delen op welke gebieden het Verdrag aldus van toepassing is; deze mededeling wordt drie maanden na de datum van ontvangst van kracht.

Regeling
Verdrag nopens de bestrijding van discriminatie in het onderwijs
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
25-06-1966
BWB-id
BWBV0005155
Versie
1966-06-25_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl