wetzoeker

Artikel 3 Notawisseling tussen de Nederlandse Regering en de Zwitserse Bondsraad houdende een overeenkomst betreffende de uitwisseling van stagiaires

1) Het aantal stagiaires dat in elk van beide Staten kan worden toegelaten, mag niet meer bedragen dan honderdvijftig per jaar. Aanvragen boven dit aantal zullen echter in welwillende overweging worden genomen, indien de toestand op de arbeidsmarkt zulks toelaat.

2) Dit contingent geldt voor elk kalenderjaar. Stagiaires, die op 1 Januari reeds op het gebied van de andere Staat verblijven, zijn niet begrepen in het contingent van het lopende jaar. Het aantal van honderdvijftig stagiaires per jaar mag worden bereikt, ongeacht de duur van in de loop van het voorafgaande jaar verleende vergunningen.

3) Indien het vastgestelde contingent in de loop van een jaar door de stagiaires van een van beide Staten niet zou zijn bereikt, mag deze Staat het aantal vergunningen, te verlenen aan stagiaires van de andere Staat, niet verminderen; evenmin mag deze Staat het niet gebruikte deel van zijn contingent voegen bij dat van het volgende jaar.

4) Het contingent kan later gewijzigd worden krachtens een overeenkomst welke, op voorstel van een van beide Staten, uiterlijk op 1 December, met betrekking tot het volgende jaar, moet worden gesloten.

Regeling
Notawisseling tussen de Nederlandse Regering en de Zwitserse Bondsraad houdende een overeenkomst betreffende de uitwisseling van stagiaires
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
20-11-1952
BWB-id
BWBV0005141
Versie
1952-11-20_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl