wetzoeker

Artikel 23 Verdrag nopens de rechtspositie van de Noord-Atlantische Verdragsorganisatie, van de nationale vertegenwoordigers bij haar organen en van haar internationale staf

Internationale Staf en Deskundigen uitgezonden voor de Organisatie

De bepalingen van de bovenstaande artikelen 18, 20 en 21 zullen geen Staat verplichten enige van de voorrechten of immuniteiten als daarin bedoeld, toe te kennen aan enig persoon die een onderdaan is van die Staat, behalve:

(a) immuniteit van rechtsvervolging met betrekking tot door hem in de uitoefening van zijn officiële functies voor de Organisatie gesproken of geschreven woorden of door hem verrichte handelingen;

(b) onschendbaarheid voor alle papieren en stukken welke betrekking hebben op het werk waarmede hij door de Organisatie belast is;

(c) faciliteiten met betrekking tot valuta en deviezenrestricties voor zover noodzakelijk voor de doeltreffende uitoefening van zijn functies.

Regeling
Verdrag nopens de rechtspositie van de Noord-Atlantische Verdragsorganisatie, van de nationale vertegenwoordigers bij haar organen en van haar internationale staf
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
18-05-1954
BWB-id
BWBV0005129
Versie
1954-05-18_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl