wetzoeker

Artikel XXVI Verdrag inzake het Internationaal Koude-Instituut, ter vervanging van het Verdrag van 21 juni 1920, gewijzigd op 31 mei 1937

Geldmiddelen

1 De gewone jaarlijkse bijdragen van de landen-leden kunnen worden voldaan in Franse franken dan wel in deviezen verhandelbaar in Frankrijk, indien de inwisselbaarheid door het debiteurland wordt gegarandeerd. Zij worden vastgesteld in goudfranken van een gewicht van 10/31e gram met een gehalte van 0.900 fijn en naar de categorie waartoe de leden behoren, op de volgende basis:

Categorie | Jaarlijkse bijdragen in goudfranken

— | —

1 | .......................................... | 9.600

2 | .......................................... | 7.200

3 | .......................................... | 4.800

4 | .......................................... | 3.200

5 | .......................................... | 1.600

6 | .......................................... | 800

2 Elke vier jaar kan de Algemene Conferentie in haar gewone jaarlijkse zitting op een in het voorafgaande jaar aangenomen voorstel van het Uitvoerend Comité deze grond-bijdragen met een bepaalde coëfficiënt verhogen of verlagen, teneinde deze bijdragen aan te passen aan de werkzaamheid van het Instituut en aan de economische toestand van het ogenblik.

3 Het nieuwe bedrag van de subsidies is van toepassing gedurende de volgende vier jaar.

Regeling
Verdrag inzake het Internationaal Koude-Instituut, ter vervanging van het Verdrag van 21 juni 1920, gewijzigd op 31 mei 1937
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
02-06-1960
BWB-id
BWBV0004967
Versie
1960-06-02_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl