wetzoeker

Artikel 48 Notawisseling tussen de Nederlandse en de Britse Regering inzake de uitoefening van rechten en verplichtingen welke ten aanzien van de in de Bondsrepubliek Duitsland gestationeerde Nederlandse militaire eenheden voortvloeien uit twee op 26 mei 1952 te Bonn gesloten en op 23 oktober 1954 te Parijs herziene Verdragen

— Verzorging

1 Indien goederen, materialen, diensten of onroerende goederen zijn gevorderd door de autoriteiten van de betrokken Mogendheid of verworpen zijn ten laste van de bezettingskosten of ten laste van de „Auftragsausgabenhaushalt” vóór de inwerkingtreding van dit Verdrag, en daarna nog nodig blijven voor de krijgsmachten, worden zij beschouwd met wettelijk bindende kracht te zijn gevorderd voor een periode van een jaar te rekenen van die datum af krachtens de bepalingen van de in de leden 3 en 4 van artikel 37 van dit Verdrag bedoelde toepasselijke wetgeving.

2 Indien de vordering van goederen, materialen, diensten of onroerende goederen nodig is geweest voor de doeleinden van de krijgsmachten of hun leden na de in lid 1 van dit artikel genoemde periode, verzekert de Bondsrepubliek Duitsland dat zij ook daarna ter beschikking zullen blijven overeenkomstig de procedure van de toepasselijke wetgeving van de Bondsrepubliek.

Regeling
Notawisseling tussen de Nederlandse en de Britse Regering inzake de uitoefening van rechten en verplichtingen welke ten aanzien van de in de Bondsrepubliek Duitsland gestationeerde Nederlandse militaire eenheden voortvloeien uit twee op 26 mei 1952 te Bonn gesloten en op 23 oktober 1954 te Parijs herziene Verdragen
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
11-06-1956
BWB-id
BWBV0004959
Versie
1956-06-11_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl