wetzoeker

Artikel 4 Verdrag betreffende betaalde vakantie in de landbouw

1 Elk lid, dat dit Verdrag bekrachtigt, is vrij, na overleg met de meest representatieve betrokken organisaties van werkgevers en van werknemers, voor zover deze bestaan, te bepalen op welke ondernemingen, beroepen en groepen van personen, bedoeld in Artikel 1, de bepalingen van dit Verdrag van toepassing zijn.

2 Elk Lid, dat dit Verdrag bekrachtigt, bezit het recht om van de toepassing van dit Verdrag in zijn geheel of van een of meer bepalingen van het Verdrag uit te sluiten de groepen van personen, te wier aanzien deze bepalingen op grond van de omstandigheden, waaronder zij hun werk verrichten, geen toepassing kunnen vinden, zoals ten aanzien van familieleden van het hoofd van de onderneming, welke bij deze laatste werkzaam zijn.

Regeling
Verdrag betreffende betaalde vakantie in de landbouw
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
27-11-1959
BWB-id
BWBV0004935
Versie
1959-11-27_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl