wetzoeker

Artikel 7 Multilaterale Overeenkomst inzake bewijzen van luchtwaardigheid van ingevoerde luchtvaartuigen

Iedere Overeenkomstsluitende Staat moet, zo veel als mogelijk is, andere Overeenkomstsluitende Staten volledig op de hoogte houden van de geldende wetten, bepalingen en eisen betreffende de luchtwaardigheid, daaronder begrepen alle aanvullende voorschriften betreffende de vluchtuitvoering en de in verloop van tijd daarin aangebrachte veranderingen. Hij moet eveneens, op verzoek van een Overeenkomstsluitende Staat welke het voornemen heeft de bepalingen van artikel 2 van deze Overeenkomst toe te passen, zo veel mogelijk bijzonderheden verschaffen inzake zijn wetten, bepalingen en luchtwaardigheidseisen, op grond waarvan een bewijs van luchtwaardigheid was afgegeven of gelijkgesteld.

Regeling
Multilaterale Overeenkomst inzake bewijzen van luchtwaardigheid van ingevoerde luchtvaartuigen
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
25-10-1962
BWB-id
BWBV0004921
Versie
1962-10-25_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl