wetzoeker

Artikel 58 Aanvullend Akkoord ter toepassing van het Europees Verdrag inzake sociale zekerheid

1 Om krachtens artikel 40, eerste lid, sub a)ii) van het Verdrag in aanmerking te komen voor andere uitkeringen dan renten, wendt de werknemer zich binnen drie dagen na het begin van de arbeidsongeschiktheid tot het orgaan van de verblijfplaats en legt, indien de door het bevoegde orgaan of het orgaan van de verblijfplaats toegepaste wettelijke regeling hierin voorziet, een door de behandelende geneesheer afgegeven bewijs van arbeidsongeschiktheid over. Hij vermeldt bovendien zijn adres in het land waar hij verblijft, alsmede naam en adres van het bevoegde orgaan.

2 Wanneer de behandelende geneesheren van het land van de verblijfplaats geen bewijzen van arbeidsongeschiktheid afgeven, is artikel 54, tweede lid van het Akkoord van overeenkomstige toepassing.

3 Het orgaan van de verblijfplaats zendt de in de vorige leden van dit artikel bedoelde documenten onverwijld door aan het bevoegde orgaan, onder vermelding van de vermoedelijke duur van de arbeidsongeschiktheid.

4 Indien voor wat betreft andere werknemers dan de in artikel 15, eerste lid, sub a)i) en tweede lid, sub a) van het Verdrag bedoelde loontrekkenden medisch wordt vastgesteld dat hun gezondheidstoestand geen belemmering vormt voor hun terugkeer naar het grondgebied van de Verdragsluitende Partij waarop zij wonen, geeft het orgaan van de verblijfplaats hun daarvan onmiddellijk kennis en zendt het een afschrift van deze kennisgeving aan het bevoegde orgaan.

5 Bovendien is artikel 54, vierde tot en met achtste lid van het Akkoord van overeenkomstige toepassing.

Regeling
Aanvullend Akkoord ter toepassing van het Europees Verdrag inzake sociale zekerheid
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
28-02-2007
BWB-id
BWBV0004901
Versie
2007-02-28_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl