wetzoeker

Artikel 33 Verdrag betreffende uitkeringen bij invaliditeit en ouderdom en aan nagelaten betrekkingen

Gemeenschappelijke bepalingen

1 Ingeval een beschermde persoon gelijktijdig aanspraak kan of zou hebben kunnen maken op verschillende uitkeringen bij invaliditeit, bij ouderdom of aan nagelaten betrekkingen, kunnen deze uitkeringen onder voorgeschreven voorwaarden en binnen voorgeschreven grenzen worden verminderd. De beschermde persoon moet echter in totaal een bedrag ontvangen dat ten minste gelijk is aan dat van de meest gunstige uitkering.

2 Ingeval een beschermde persoon aanspraak kan of zou hebben kunnen maken op een uitkering voorzien in dit Verdrag en, voor een zelfde eventualiteit, andere sociale verzekeringsuitkeringen in geld, met uitzondering van de kinderbijslag, ontvangt, kan de uitkering verschuldigd op grond van dit Verdrag onder voorgeschreven voorwaarden en binnen voorgeschreven grenzen worden verminderd of geschorst, met dien verstande dat het gedeelte van de uitkering dat wordt afgetrokken of geschorst het bedrag van de andere uitkeringen niet te boven gaat.

Regeling
Verdrag betreffende uitkeringen bij invaliditeit en ouderdom en aan nagelaten betrekkingen
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
27-10-1970
BWB-id
BWBV0004670
Versie
1970-10-27_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl