wetzoeker

Artikel 2 Verdrag betreffende uitkeringen bij invaliditeit en ouderdom en aan nagelaten betrekkingen

Algemene bepalingen

1 Elk Lid te welks aanzien dit Verdrag van kracht is moet toepassen:

a. deel I;

b. ten minste een der delen II, III en IV;

c. de overeenkomstige bepalingen van de delen V en VI;

d. deel VII.

2 Elk Lid moet in zijn akte van bekrachtiging aangeven ten aanzien van welk der delen II tot en met IV van dit Verdrag het de verplichtingen, voortvloeiende uit het Verdrag, aanvaardt.

Regeling
Verdrag betreffende uitkeringen bij invaliditeit en ouderdom en aan nagelaten betrekkingen
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
27-10-1970
BWB-id
BWBV0004670
Versie
1970-10-27_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl