wetzoeker

Artikel 22 Verdrag van de Raad van Europa ter voorkoming van terrorisme

1 Onverminderd hun eigen onderzoeken of gerechtelijke procedures, kunnen de bevoegde autoriteiten van een Partij, zonder voorafgaand verzoek, de bevoegde autoriteiten van een andere Partij informatie doen toekomen die verkregen is in het kader van hun eigen onderzoeken wanneer zij van mening zijn dat de bekendmaking van dergelijke informatie de ontvangende Partij zou kunnen helpen bij het instellen of uitvoeren van onderzoeken of gerechtelijke procedures of zou kunnen leiden tot een verzoek door die Partij krachtens dit Verdrag.

2 De Partij die de informatie verschaft kan, op grond van haar nationale recht, voorwaarden verbinden aan het gebruik van dergelijke informatie door de ontvangende Partij.

3 De Partij die de informatie ontvangt, is door die voorwaarden gebonden.

4 Elke Partij kan evenwel te allen tijde, door middel van een aan de Secretaris-Generaal van de Raad van Europa gerichte kennisgeving, verklaren dat zij zich het recht voorbehoudt niet te worden gebonden door de voorwaarden die worden opgelegd door de Partij die de informatie verstrekt, tenzij zij vooraf in kennis wordt gesteld van de aard van de te verstrekken informatie en instemt met de overdracht.

Regeling
Verdrag van de Raad van Europa ter voorkoming van terrorisme
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-11-2010
BWB-id
BWBV0004604
Versie
2010-11-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl