wetzoeker

BIJLAGE — Bijdragen voor het tijdvak dat eindigt op 31 december van het jaar waarin het Verdrag in werking treedt Verdrag tot oprichting van een Europese Organisatie voor astronomisch onderzoek op het zuidelijk halfrond

Bijdragen voor het tijdvak dat eindigt op 31 december van het jaar waarin het Verdrag in werking treedt

(a) De Staten die partij zijn bij het Verdrag op de datum waarop het in werking treedt, en de Staten die lid van de Organisatie worden tijdens het bovengenoemde tijdvak, dragen tezamen het totaal van de uitgaven zoals deze voorkomen in de voorlopige ramingen op de begroting, vastgesteld door de Raad overeenkomstig artikel 4, lid 1, van het Financiële Protocol.

(b) De bijdragen van de Staten die lid van de Organisatie worden tijdens het bovengenoemde tijdvak worden voorlopig vastgesteld op een zodanige wijze dat de bijdragen van alle Lid-Staten evenredig zijn aan de in paragraaf d van deze Bijlage vermelde percentages. De bijdragen van deze nieuwe leden dienen hetzij om later een gedeelte van de reeds betaalde voorlopige bijdragen terug te betalen, zoals bepaald in paragraaf c van deze Bijlage, hetzij om de aanvullende begrotingstoelagen voor de tenuitvoerlegging van het basisprogramma, die door de Raad tijdens dit tijdvak zijn goedgekeurd, te dekken.

(c) Het definitieve bedrag van de voor genoemd tijdvak verschuldigde bijdragen wordt met terugwerkende kracht vastgesteld op grond van de algehele begroting voor dat tijdvak, zoals deze zou zijn geweest indien alle Lid-Staten partij bij het Verdrag waren geweest op het tijdstip waarop het in werking trad. Ieder door een Lid-Staat betaald bedrag boven het met terugwerkende kracht vastgestelde bedrag, wordt op het tegoed van deze Staat geboekt.

(d) Indien alle Lid-Staten vermeld in de hieronderstaande schaal lid van de Organisatie zijn geworden voor het bovengenoemde tijdvak, zijn de percentages van hun bijdragen voor de algehele begroting over dat tijdvak als volgt:

Bondsrepubliek Duitsland | 33,33 %

België | 11,32%

Frankrijk | 33,33 %

Nederland | 10,49 %

Zweden | 11,53 %

Totaal | 100,00 %

(e) Indien het maximum van de jaarlijkse bijdragen zoals bepaald in lid 1c van artikel VII van het Verdrag wordt gewijzigd, wordt de hierboven vermelde schaal overeenkomstig gewijzigd.

Regeling
Verdrag tot oprichting van een Europese Organisatie voor astronomisch onderzoek op het zuidelijk halfrond
Afkortingen
ESO
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
17-01-1964
BWB-id
BWBV0004585
Versie
1964-01-17_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl