wetzoeker

Nr. II Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Volksrepubliek Bulgarije inzake de regeling van financiële vraagstukken

Sofia, 7 juli 1961

Mijnheer de Tijdelijk Zaakgelastigde,

Ik heb de eer de ontvangst te bevestigen van Uw brief van heden, luidende als volgt:

(Zoals in nr. I)

Ik heb nota genomen van de inhoud van Uw brief en ik heb de eer te bevestigen, dat de bevoegdheid tot en de verantwoordelijkheid voor de verdeling van het schadevergoedingsbedrag volledig bij de Nederlandse Regering berust.

Met de verzekering, Mijnheer de Tijdelijk Zaakgelastigde, van mijn gevoelens van hoogachting,

(w.g.) V. TODOROV

Aan de Tijdelijk Zaakgelastigde

van Nederland,

de Heer W. A. Frowein,

Sofia.

Regeling
Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Volksrepubliek Bulgarije inzake de regeling van financiële vraagstukken
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-07-1962
BWB-id
BWBV0004582
Versie
1962-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl