wetzoeker

Artikel 40 Europees Verdrag inzake het toezicht op voorwaardelijk veroordeelden of voorwaardelijk in vrijheid gestelden

Slotbepalingen

De Secretaris-Generaal van de Raad van Europa doet de Lid-Staten van de Raad alsmede elke Staat die tot dit Verdrag is toegetreden mededeling van:

(a) de gestelde ondertekeningen;

(b) de nederlegging van elke akte van bekrachtiging, aanvaarding of toetreding;

(c) elke datum van inwerkingtreding van dit Verdrag overeenkomstig artikel 34;

(d) elke ontvangen kennisgeving of verklaring ingevolge de bepalingen van artikel 27, vierde lid; artikel 29, tweede lid; artikel 37, derde lid, en artikel 38, vierde lid;

(e) elke ingevolge de bepalingen van artikel 36, tweede en derde lid, ontvangen verklaring;

(f) elk ingevolge de bepalingen van artikel 38, eerste lid, gemaakt voorbehoud;

(g) de intrekking van elk voorbehoud ingevolge de bepalingen van artikel 38, tweede lid;

(h) elke ingevolge de bepalingen van artikel 39 ontvangen kennisgeving alsmede de datum waarop de opzegging van kracht wordt.

Regeling
Europees Verdrag inzake het toezicht op voorwaardelijk veroordeelden of voorwaardelijk in vrijheid gestelden
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-01-1988
BWB-id
BWBV0004551
Versie
1988-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl