wetzoeker

Artikel 35 Europese Code inzake Sociale Zekerheid (herzien)

UITKERINGEN EN VERSTREKKINGEN BIJ ARBEIDSONGEVALLEN EN BEROEPSZIEKTEN

1 Tot de beschermde personen moeten worden gerekend:

a. alle werknemers, met inbegrip van leerlingen en, in het geval van overlijden van de betrokkene, de nagelaten echtgeno(o)t(e) en kinderen; of

b. voorgeschreven groepen van de economisch actieve bevolking die in totaal ten minste 80 % uitmaken van de gezamenlijke economisch actieve bevolking en, in geval van overlijden van de betrokkene, de nagelaten echtgeno(o)t(e) en kinderen.

2 Ten aanzien van nagelaten echtgenoten kan het recht op uitkering, zoals voorgeschreven, afhankelijk worden gesteld van de voorwaarde dat zij niet in staat zijn in hun eigen onderhoud te voorzien.

3 Niettegenstaande het bepaalde in het eerste lid, letter a, van dit artikel kan elke Partij groepen werknemers die in totaal niet meer dan 5 % uitmaken van de gezamenlijke werknemers uitsluiten van de toepassing van dit Deel.

Regeling
Europese Code inzake Sociale Zekerheid (herzien)
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
06-11-1990
BWB-id
BWBV0004546
Versie
1990-11-06_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl