wetzoeker

Nr. II Notawisseling tussen de Nederlandse en de Noorse Regering inzake de vestiging van een gezondheidscentrum voor zeelieden in Rotterdam

MINISTERIE VAN

BUITENLANDSE ZAKEN

Directie Verdragen

DVE/VB-169595

Den Haag, 17 november 1964.

Mijnheer de Ambassadeur,

Ik heb de eer Uwer Excellentie de ontvangst te bevestigen van Haar nota dd. 17 november 1964, welke als volgt luidt:

(zoals in Nr. I)

Ten antwoord heb ik de eer U mede te delen dat het bovenstaande voorstel voor de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden aanvaardbaar is en dat zij er derhalve mede instemt dat Uwer Excellenties nota en het onderhavige antwoord de overeenkomst vormen die tussen de beide Regeringen ter zake is bereikt, en dat deze in werking zal treden op de eerste dag van de maand volgend op die waarin de beide Overeenkomstsluitende Partijen elkander hebben medegedeeld dat de in de beide Staten grondwettelijk vereiste goedkeuring is verkregen.

Gelief, Excellentie, de verzekering van mijn zeer bijzondere hoogachting wel te willen aanvaarden.

(w.g.) J. LUNS.

Zijner Excellentie

de Heer Otto J. L. Kildal

Buitengewoon en Gevolmachtigd

Ambassadeur van het Koninkrijk Noorwegen

te 's-Gravenhage.

Regeling
Notawisseling tussen de Nederlandse en de Noorse Regering inzake de vestiging van een gezondheidscentrum voor zeelieden in Rotterdam
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-06-1966
BWB-id
BWBV0004518
Versie
1966-06-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl