wetzoeker

Nr. II Briefwisseling tussen de Nederlandse, de Belgische en de Luxemburgse Regering enerzijds, en de Israëlische Regering anderzijds, inzake de afschaffing van de visumplicht

MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN

Jeruzalem, 27 november 1964.

Mijnheer de Ambassadeur,

Ik heb de eer te verwijzen naar brief No. 4745 dd. 27 november 1964 ondertekend door Uwe Excellentie namens het Koninkrijk der Nederlanden betreffende het sluiten van een overeenkomst inzake de afschaffing van inreisvisa tussen de Regeringen der Beneluxlanden en de Regering van Israël, gebaseerd op de navolgende bepalingen:

(zoals in nr. I)

Ik heb de eer ter kennis van Uwe Excellentie te brengen dat de Regering van Israël haar goedkeuring hecht aan bovengenoemde bepalingen en er mee instemt dat de nota van 27 november 1964, ondertekend door Uwe Excellentie, en deze nota de Overeenkomst vormen tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden enerzijds, en de Regering van Israël anderzijds.

Gelief, Excellentie, de verzekering van mijn zeer bijzondere hoogachting wel te willen aanvaarden.

(w.g.) GOLDA MEIR

Zijner Excellentie

Dr. P. A. Kasteel

Ambassadeur der Nederlanden

te Jeruzalem.

Regeling
Briefwisseling tussen de Nederlandse, de Belgische en de Luxemburgse Regering enerzijds, en de Israëlische Regering anderzijds, inzake de afschaffing van de visumplicht
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
08-12-1964
BWB-id
BWBV0004501
Versie
1964-12-08_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl